Gisteren werd, met de plechtigheid van een maanlanding en de vaagheid van een horoscoop, een “ingrijpend nieuw plan” onthuld. Het klonk groots, het klonk urgent, en het klonk vooral alsof niemand het later kan controleren. De zaal knikte in ritme met de soundbites, terwijl de details – die hinderlijke spelbrekers – keurig achter een gordijn van buzzwords bleven staan.
Transparantie als decorstuk
Men had het over transparantie, wat in beleidsland betekent: een PDF van 120 pagina’s waar je na pagina drie ophoudt met ademen. Er was een dashboard, een routekaart, en een “versnellingsteam” – allemaal ingrediënten die vooral bewijzen dat men prima in staat is een vergaderagenda te vormen. De kernvraag (wat gaat er nu precies veranderen, wanneer en voor wie?) werd zorgvuldig omzeild met de soepelheid van een politicus op rolschaatsen.
De presentatie toonde grafieken die omhoog gingen, want grafieken gaan in presentaties altijd omhoog. Een kolomdiagram zonder eenheden is tenslotte de universele taal van vooruitgang. En alsof het universum meeluisterde, deed het wifi-netwerk precies wat de plannen ook doen: het flikkerde hoopvol, en viel toen uit.
KPI’s die verdwijnen als je kijkt
Er kwamen indicatoren, natuurlijk. “Meetbare resultaten,” zo werd beloofd, mits we niet al te veel vragen stellen over wat er gemeten wordt. De KPI’s waren zo elastisch dat ze zich probleemloos om elke uitkomst heen vouwden. Succes definieer je dan gewoon achteraf, een elegante truc die beleidsfalen transformeert tot leerervaring. Applaus.
De choreografie van controle
De regie was strak: drie kernboodschappen, vijf herhalingen, nul spijt. Journalisten kregen antwoorden die zo gepolijst waren dat je jezelf erin kon zien – helaas zonder wijzer te worden. Het enige echte concrete onderdeel was de belofte van “verdere consultatie,” dat modieuze woord voor tijdrekken met koffie.
De cijfers die verdwijnen als je kijkt
Er werd een begroting genoemd die “robust” klonk, zoals tuinslangen in een folder robust klinken. Bedragen zweefden voorbij, ontdaan van context, alsof geld geen richting heeft. Natuurlijk zijn er scenario’s, en in elk scenario wint het scenario. Wie kan daar nu tegen zijn?
En zo gingen we naar huis met het geruststellende gevoel dat er iets groots in beweging is, zoals wind in een vlag: indrukwekkend om te zien, lastig vast te houden. Misschien is dat de ware kunst van modern beleid: net genoeg beloven om hoop te verkopen, net genoeg verhullen om de bon later te laten komen. Tot dan blijven we kijken naar de grafieken die omhoog gaan, en luisteren naar plannen die keurig in het midden blijven hangen – precies waar ze niemand in de weg zitten.


















