Het is merkwaardig hoe snel een stad leert knikken bij een knal. Zaterdag 24 mei, begin van de avond: een ontploffing aan de Van Leeuwenhoeklaan, ter hoogte van de Dunantstraat. Meerdere auto’s stuk als tinnen soldaatjes, een flatsgevel met nieuwe ‘architectuur’, meerdere gewonden en één slachtoffer naar het ziekenhuis. De politie hield een 35-jarige man uit Exloo aan en zoekt getuigen. Deze zinnen rollen inmiddels zo soepel uit de persmap dat je bijna vergeet dat er ramen zijn gesprongen waar gisteren nog gewoon avondeten stond af te koelen.
Een avond vol oorverdovende vanzelfsprekendheden
We noemen het een incident, want dat klinkt keurig opvouwbaar. De buurt doet het raam dicht, het nieuws doet het blokje af en de stad gaat door. De sirenes worden een achtergrondgeluid, zoals een koelkast bromt: hinderlijk, maar o zo nuttig. Ondertussen ligt er glas in de heg, zijn er schroeiplekken op de baksteen en herinnert de lucht zich nog even wat buskruit. Het abnormale schuift, millimeter voor millimeter, de huiskamer binnen en hangt zijn jas op aan de kapstok van ‘tsja, het is nu eenmaal zo’.
Dat de verdachte uit Exloo komt — een Drents dorp dat normaliter vooral bekendstaat om rust en bos — is zo’n detail waar je je wenkbrauwen onderweg naar de volgende pushmelding om optrekt. Nederland is klein; de afstand tussen een stille brink en een verlichte lint van politielint is slechts een tank benzine en een onnavolgbaar besluit.
De dans van het persbericht
Er wordt onderzoek gedaan, er zijn sporen veiliggesteld, en natuurlijk: de oproep. Getuigen gezocht. Altijd weer dat beleefde koor, met de urgente ondertoon van een open einde. We hebben camera’s op elke hoek, deurbel-lenzen als digitale buurtwachten en een dataverslindende wereld, maar uiteindelijk draait het om een mens die iets heeft gezien en het hardop durft te zeggen.
En dus bladert de stad door haar geheugen: de doffe klap, de korte stilte, het staccato van glas dat zich over de stoep uitspreidt. Iemand zag een schim, iemand hoorde voetstappen die niet bij de regen pasten. De rest is mist, en mist heeft zelden haast om weg te trekken.
Getuigen gezocht, vertrouwen te huur
Wie spreekt, wil geloofd worden; wie luistert, wil veilig zijn. Tussen die twee wensen danst elke wijk na zo’n explosie. Misschien is dat de echte schade: niet de scheuren in de gevel, maar de barstjes in het vertrouwen die we wegpoetsen met woorden als ‘incident’ en ‘afgehandeld’. Morgen schuiven we de bank weer tegen de muur, veegt de veegwagen de stoep schoon en doet Zoetermeer wat steden zo goed kunnen: doorgaan. Maar wie iets heeft gezien aan de Van Leeuwenhoeklaan, doe het ongewone: zeg het hardop, zodat het abnormale tenminste niet onbesproken normaal wordt.


















