Zoetermeer had dinsdagavond omstreeks 21:00 even geen sportwedstrijd, maar een live demonstratie van causaal verband: vuurwerk in een sporthal, knal, meerdere gewonden. Het soort avond waarop de fitness trackers van de hulpdiensten meer stappen tellen dan de sporters. Niemand vroeg hier om, en toch kwam het – een ongenode gast met buskruitparfum.
Wanneer sport en spektakel elkaar kruisen
Het is zo typisch Nederlands: traditie, maar dan binnen. Want waarom buiten wachten op Oud en Nieuw als je het feest ook onder tl-licht kunt organiseren? Vuurwerk heeft inmiddels de status van cultureel erfgoed met lontje, en de sporthal fungeert daarbij als multifunctionele echo-kamer. De akoestiek is geweldig voor applaus, iets minder geschikt voor explosies.
Protocollen zijn prachtig op papier
Er is ongetwijfeld een map met veiligheidsvoorschriften die keurig in een kast staat te verstoffen. Nooduitgangen vrij, geen open vuur, en zeker geen pyrotechniek zonder vergunning – het zingt al jaren rond in cursuslokalen met koffie die smaakt naar beleid. In de realiteit is een sporthal nu eenmaal geen testfaciliteit voor buskruitromantiek. De clue: bakstenen, houten tribunes en rook doen het beter in nieuwsberichten dan in gebruikershandleidingen.
De nasleep volgens draaiboek
Na de knal komt het koor. Er wordt ‘grondig onderzoek’ beloofd, ‘we nemen dit zeer serieus’ gezegd, en er volgt een persmoment waarin iedereen oprecht geschokt is. De politie noteert verklaringen, de woordvoerder noteert rust, en het publiek noteert verontwaardiging. Iedereen gelijk, behalve de gewonden: die zijn een paar stappen achterop en mogen rekenen op zorg, revalidatie en het immer troostende begrip van de verzekeraar.
Wat we wél kunnen doen
Laten we eens beginnen met de revolutionaire gedachte dat vuurwerk en indoor sportfaciliteiten niet samengaan. Zero tolerance in sportaccommodaties, niet alleen op posters maar in handhaving. Periodieke checks, personeel getraind om ‘nee’ te zeggen nog vóórdat er een lont wordt gezien, en als er dan per se geknald moet worden: doe het buiten, professioneel, met vergunning en verstand.
De mensen in de zaal
Daar waren sporters, ouders, vrijwilligers en medewerkers die een normale dinsdag verwachtten en eindigden met sirenes en rookdampen. Voor hen is dit geen debat over traditie, maar een pijnlijke herinnering. Hulde aan de hulpdiensten die op routine drijven waar anderen op adrenaline drijven.
Misschien is het simpel: bewaar het knallen voor applaus en de spanning voor de eindstand. Een sporthal is een plek voor zweet, geen kruit. Tradities overleven best zonder lont, en gezond verstand blijkt, verrassend genoeg, uitstekend herbruikbaar – zelfs na een harde les om 21:00 in Zoetermeer.


















